Van de camping naar het Amphia
05 Augustus 2026
De volgende ochtend hoopte ik dat een goede nachtrust de stijvigheid en de spierpijn van de dag ervoor zou hebben opgelost. Maar het tegendeel was waar. Het vreemde gevoel in mijn arm was niet verdwenen. Sterker nog: de kracht in mijn arm was merkbaar afgenomen. Eenvoudige handelingen kostten plotseling ongewoon veel moeite.
Ondanks dat vervelende gevoel gingen we die ochtend toch op pad voor de dagelijkse boodschappen. Maar eenmaal bij de supermarkt merkte ik dat het echt niet ging. Ik voelde me niet goed, grieperig en absoluut niet fit. Ik gaf aan mijn vrouw aan dat ik liever in de auto bleef wachten tot zij klaar was.
Het beslissende moment
Terwijl ik daar alleen in de auto zat te wachten, gebeurde er iets wat ik nooit meer zal vergeten. Uit het niets trok er een golf van kippenvel over mijn rechterarm. Direct daarna volgde een dof, verdoofd gevoel, en op hetzelfde moment viel de kracht in mijn arm volledig weg. De arm deed simpelweg niks meer. Als ik hem wilde verplaatsen, moest ik hem met mijn linkerhand oppakken en optillen. Het was een beangstigend moment: mijn eigen lichaam luisterde niet meer.
Aangekomen op de camping was het duidelijk dat dit geen spierpijn of vermoeidheid was. Ik heb direct mijn eigen huisarts gebeld om te overleggen. Omdat we op de camping ver van huis waren, adviseerde mijn huisarts om meteen contact op te nemen met een dokterspost of huisarts in de buurt.
Naar de Spoedeisende Hulp
We konden gelukkig snel terecht bij een lokale huisarts. Na een reeks korte neurologische tests en onderzoek keek de arts bedenkelijk. Ze twijfelde niet en ondernam direct actie: er werd meteen gebeld met de Spoedeisende Hulp (SEH) van het Amphia Ziekenhuis in Breda.
Vanaf dat moment kwam alles in een sneltreinvaart. We moesten ons zo snel mogelijk melden in Breda. De onzekerheid maakte plaats voor de realiteit dat er iets ernstigs aan de hand was in mijn hoofd…
In de molen van het ziekenhuis
In het Amphia Ziekenhuis kwamen we terecht in een stroomversnelling van onderzoeken. Er werd direct bloed afgenomen, een hartfilmpje (ECG) gemaakt en ik werd klaargemaakt voor een CT-scan. Het is vreemd hoe snel een gewone vakantiedag kan veranderen in een medische molen.
Na alle onderzoeken brak het wachten op de uitslagen aan. Terwijl we daar zaten, leek de kracht in mijn arm weer redelijk terug te keren. Het menselijk brein werkt op zulke momenten bijzonder: zodra het iets beter lijkt te gaan, zoek je meteen de relativering op. We maakten alweer grapjes tegen elkaar: “Ze moeten wel een beetje opschieten hier, want we moeten straks nog eten maken op de camping!”
Dat ik in de tussentijd al zeker vijf keer mijn telefoon zomaar uit mijn rechterhand liet vallen… tja, dat nam ik voor lief. Het zou vast wel meevallen.
De uitslag
Tot de arts binnenkwam met het verlossende — of beter gezegd, verpletterende — woord.
“Beste meneer van der Kroft,” begon de arts met een serieuze blik. “We zien op de CT-scan toch een infarct dat de uitval kan verklaren.”
Op dat exacte moment zakt de grond onder je voeten vandaan. De luchtigheid en de grapjes over het eten maken verdwenen op slag. Er viel een diepe stilte in de kamer. Ook mijn vrouw wist even helemaal niet meer wat ze moest zeggen. Van een ontspannen campingvakantie naar de keiharde werkelijkheid van een herseninfarct — in een paar uur tijd staat je hele wereld op zijn kop.
